De zachte vervorming

De nieuwe muziekgids

Alle artikelen met

feature


  • Titel

    Teenage Fanclub – There Was You

    Teenage Fanclub – There Was You

    Een record is het niet, maar het mag zeker wel speciaal genoemd worden dat Norman Blake en Raymond McGinley al 37 jaar musiceren in de Schotse gitaarformatie Teenage Fanclub. Binnenkort presenteren zij, en dat verblijdt ondergetekende, hun dertiende langspeler: Do Not Dare To Dream.

    Desgevraagd vertelt Blake dat na al die jaren het verzinnen van een albumtitel een hele opgave kan zijn. “Zeker als je er al twaalf hebt gemaakt.” Dat lijkt mij schromelijk overdreven, zeker ten opzichte van waar een schrijver van fictie of non-fictie tegenaan loopt in het creatieve proces. In de maanden dat de letters uit het schrijvershoofd naar het papier worden getransformeerd, komt men nog wel weg met een directieve werktitel, maar wanneer het geschrevene, vaak in nauw overleg met een immer ongeduldige redacteur van een uitgever met duidelijk winstoogmerk, definitief gebundeld dient te worden om ter perse te gaan, wordt de noodzaak van een “pakkende” titel nijpender en nijpender.

    De schrijver zal zich tot vervelens toe hard maken voor een titel die “op meerdere lagen werkt” en de redacteur zal per e-mail en later eveneens per telefoon meerdere malen benadrukken dat een titel vooral potentiële lezers moet verleiden het boek van een plank te grissen in een overvolle AKO of “voor mijn part lokale Bruna”. Kortom, zo zal hij of zij vermoeid blijven benadrukken, de titel moet bovenal “effectief” zijn. (Dit indachtig opperde een niet nader te noemen schrijver in een recalcitrante bui eens om zijn dichtbundel dan maar te mikken op zogenaamd lollige cadeaugevers en aan te bieden onder de titel Deze had je vast nog niet.)

    In bepaalde gevallen wordt uiteindelijk een compromis gesloten en zien wij boeken op de markt verschijnen die onder de uiteindelijk gekozen titel een zogenaamde subtitel bezigen. Een lelijke oplossing in het spel dat al eeuwen gespeeld wordt in het schrijversvak.

    Nee, dan muzikanten, die hebben het stukken makkelijker. Wanneer men niet een overkoepelend thema wil benoemen, of wanneer het niet om een bundeling van de Grootste Hits gaat, kan men bij het titelen van de plaat altijd terugvallen op het doodeenvoudig gebruiken van een songtitel of een regel uit een van de songs. Let wel: het is niet eens noodzakelijk dat dit het beste liedje van de te betitelen plaat is. Of, wanneer de inspiratie volledig is opgegaan aan het fabriceren van de songs, kan men er ook nog voor kiezen om te gaan voor het titelloze album als artistiek standpunt. Dat er desondanks nog gepruts is verschenen als OK Computer (Radiohead), Doolittle (Pixies) of Nevermind (Nirvana) is lastig te bevatten, zeker omdat deze platen stuk voor stuk zeer commerciële successen waren.

    Afijn, de mannen van middelbare leeftijd die Teenage Fanclub zo efectief vormen, besloten in al hun wijsheid hun nieuwste worp te vernoemen naar een liedje op die plaat, het door Blake gepende I Dare Not To Dream. Desgevraagd legt Blake uit dat de titel bedoeld is om de memes op de hak te nemen die mensen aansporen om “te durven dromen”. Hij vindt die “een beetje belachelijk… Ik denk niet dat de wereld zo werkt.”

    We moeten nog even afwachten hoe die wijsheid dan klinkt op muziek, want de twee reeds vrijgegeven, uitstekende singles luisteren naar de titels Day in the Sun en There Was You.

    Het album Do Not Dare To Dream van Teenage Fanclub verschijnt 9 oktober 2026. Op 31 oktober speelt de band in Sneek (Bolwerk) en 1 november in Amsterdam (Paradiso).

  • Het is een albumaankondiging

    Fontaines D.C. – Marianne

    Fontaines D.C. – Marianne

    Nieuws van Groot Belang in de wereld van de alternatieve rockmuziek: een nieuwe langspeler van de Ierse formatie Fontaines D.C. is officieel aangekondigd. Het werk heeft de uiterst flamboyante titel Dopamine Chamber meegekregen en uit het rondgestuurde persgebeuren blijkt dat deze Ierse lads, of anders de promotionele machine die in de achterhoede woorden probeert te geven aan het muzikale resultaat, in één pot met potsierlijk proza zijn gevallen.

    Nu weet ondergetekende maar al te goed dat schrijven over de muziek die je hoort gelijkstaat aan schaatsen over gesmolten ijs, maar persoonlijk heb ik nooit gedurfd aan het papier toe te vertrouwen dat één plaat “verschijnt als een sterrenbeeld achter golvende zuchten van smog: krachtige ballads, met hymneachtige melodieën die door de duisternis heen schitteren.”

    Wel heb ik op enig moment in mijn hardnekkige carrière in de schrijverij – en hier ben ik even doodserieus – dusdanig gespeeld met het idee om mijn allereerste dichtbundel de titel Een sterrenbeeld achter golvende zuchten van smog mee te geven, maar daar heb ik op last van mijn uitgever vrij recent een punt achter gezet.

    Ik maak uiteraard een grapje.

    De dichtkunst is aan ondergetekende niet besteed.

    Dopamine Chamber van Fontaines D.C. verschijnt op 16 oktober 2026. De eerste single, Marianne, is nu te beluisteren.

  • Ware broederliefde

    Django Django – Dirty Hotel Blues

    Django Django – Dirty Hotel Blues

    Recent werd ondergetekende verblijd met het nieuws van een nieuwe single van de Britse artrockband Django Django. Deze luistert naar de naam Dirty Hotel Blues en scheen al enige jaren in schetsvorm rond te zwerven in de gedachten van frontman Dave Maclean, die iets wilde aanvangen met zijn herinneringen aan de vroege tours van de band door Amerika en zijn eigen ervaringen met roadtrips door dat land als tiener.

    Nu moet u weten dat deze Maclean een broertje is van John Maclean, de Schotse filmmaker, scenarioschrijver en muzikant van The Beta Band. Wellicht weet u nog dat hun The Three E.P.’s prominent werd opgevoerd in de Hollywoodfilm High Fidelity. In die uitstekende verfilming van de nog betere roman van Nick Hornby vertelt platenzaak-eigenaar Rob Gordon, geportretteerd door John Cusack, zijn collega’s dat hij vijf exemplaren van de plaat zou verkopen, waarna hij Dry the Rain in de winkel draait voor zijn klanten. De film had bovendien een onverwacht effect: na de première in maart 2000 verviervoudigde de verkoop van The Three E.P.’s in Amerika.

    Afijn, ergens tijdens een van de lockdowns in de Covidperiode speelde John van The Beta Band voor Dave van Django Django een pianopartijtje. Desgevraagd vertelt Dave dat hij onder de indruk was en vervolgens een beat van een oude plaat loopte, waarna hij samen met John en Django Django bandlid Vincent Neff wat aan het nummer begon te sleutelen. Het resultaat bleef echter enige tijd onaangeroerd op de spreekwoordelijke plank liggen, totdat Dave op een goede dag ineens een idee kreeg voor de refreintekst en een thema. Het nummer ging vervolgens mee in de tas naar de recente albumsessies in Duitsland, waar de band het verder uitwerkte tot Dirty Hotel Blues.

    Het hele voorval deed mij voor een moment terugdenken aan een regenachtige avond in november 1995. De storm die over Nederland raasde, had het elektriciteitsnetwerk in het grensdorp waar wij woonden platgelegd en met overal vandaan getrokken kaarsen had onze moeder het huis zo weten te verlichten dat het mogelijk was om deze onstuimige tijd door te komen met het lezen van een boek, krant, magazine of strip.

    Het was de tijd vóór laptops en een draagbare spelcomputer als de zeer gewilde Game Boy was voor dit zeer modale gezin simpelweg te prijzig. Na een Suske & Wiske of twee sloeg bij mijn vier jaar oudere broer en ondergetekende de onrust dusdanig toe dat het haastig aangevangen spelletje Monopoly in rap tempo uitmondde in een even woeste als ongecontroleerde worstelpartij (Moeder: “Jongens! Pas toch op voor de kaarsen!”).

    Een revanche in de vorm van een verhit potje Levensweg leverde daarna evenmin de gewenste status quo op waar ons gezin zo hevig naar verlangde op die stormachtige novemberavond.

    Het was onze moeder die ten slotte uit pure wanhoop haar oude Spaanse gitaar van zolder haalde en opperde dat we dan maar als twee goede broers, gelijk Ray en Dave Davies van The Kinks of, voor haar part, die twee van het dat jaar in mijn jongenskamer alom aanwezige Oasis, een liedje moesten schrijven.

    Voor even stopten mijn broer en ik met het rollen over het vloerkleed in de woonkamer. Toen zei mijn broer, mij nog immer houdend in een verzengende houtgreep:

    “Ik ga nog liever korfballen in de regen.”

    Dirty Hotel Blues is de tweede single van Doveland, het zesde album van Django Django, dat op 6 november 2026 verschijnt.

  • Zwoele southern-soul

    Alabama Shakes – Garden

    Alabama Shakes – Garden

    Vanaf vrijdag 28 augustus kan de langverwachte nieuwe langspeler van Alabama Shakes in zijn volledigheid worden beluisterd. Elf jaar geleden, toen David Bowie, Prince, George Michael en Leonard Cohen allen nog tot de levende massa behoorden, verscheen de laatste plaat van de band rondom Brittany Howard.

    Tot die heuglijke dag in augustus aanbreekt, behelpen u en ik ons, zonder morren overigens, met de reeds vrijgegeven singles, met Garden als meest recente worp. Het valt te typeren als een zachte en zwoele Southern-soultrack en is een welkome aanvulling op iedere playlist.

    Het album luistert naar de titel I Must Be Dreaming en desgevraagd vertelt Howard dat die titel “een dubbele betekenis heeft. Het zou kunnen betekenen: ‘Ik moet wel dromen, want de wereld is momenteel zo verdomd krankzinnig.’ Maar het kan ook betekenen: ‘Ik moet wel dromen, want de wereld is zo ongelooflijk mooi.’ Beide dingen kunnen tegelijkertijd waar zijn.”

    Ondergetekende beschikt over een acceptabele kennissen- en vriendengroep, dat zal u niet verbazen, waar Brittany Howard niet (actief) deel van uitmaakt. Hier liggen naar mijn bescheiden mening voornamelijk logistieke uitdagingen aan ten grondslag; ons kennende zouden wij het prima met elkaar kunnen vinden.

    Gezeten aan een dusdanig grote, eikenhouten tafel, bedekt met bescheiden versnaperingen als kaas, borrelnoten en te besmeren Melba-toast, zouden wij ongetwijfeld gesproken hebben over de spitsvondige albumtitel van haar teruggekeerde band. Misschien wel tot in den treure, gezien mijn sterke band met het geschreven woord in al zijn vormen en toepassingen, niet gehinderd door de bijkomstigheid dat mijn wieg niet in de Verenigde Staten van Amerika stond, maar in een modale arbeiderswoning in een klein West-Europees land dat zich niet één, niet twee, maar driemaal terugvond in de eindstrijd van het Wereldkampioenschap voetbal (1974, 1978 en 2010).

    Ik kan mij niet onttrekken aan het beeld dat Brittany Howard en ondergetekende, tussen vier à vijf borrelnoten door als het ware, spontaan een denkbeeldige lijst zouden opstellen met mogelijke andere albumtitels: even spitsvondig, even scherp en eventueel nog beter aansluitend op de algehele thematiek van het muzikale werk.

    Zelf zou ik dan zonder schroom en met enige zwier een trits aan albumtitels presenteren, gelijk Donald Draper in de televisieserie Mad Men zijn nieuwe reclamecampagnes. Waarna Brittany Howard verrukt zou uitroepen: ‘Verrek, dat is het! Maar toch gaan wij voor I Must Be Dreaming, al was het alleen maar omdat de benodigde attributen reeds naar de perserij en drukker zijn verzonden.’ Lachend om deze praktische wending, zou onze vriendschap er geen deuk aan over houden, daar ben ik van overtuigd.

  • Familieband

    The Womack Sisters – If I Let You

    The Womack Sisters – If I Let You

    Ze komen uit een goed nest, die Womack Sisters. Hun grootvader was Sam Cooke, hun vader en moeder Cecil en Linda Womack (a.k.a. Womack & Womack) en Bobby Womack is hun oom.

    Met If I Let You is de vijfde single van hun titelloze debuutplaat (14 augustus) verschenen. “Dit nummer doet me denken aan een periode waarin ik me hals over kop in de liefde stortte, puur op basis van aantrekkingskracht; zonder genoeg vragen te stellen, zonder trouw te blijven aan mezelf en door mezelf tekort te doen,” verzuchtte zus Kucha Womack over de inspiratie achter de song.

    Een niet zo goede vriend van me is eveneens opgegroeid in een gezin met onder meer drie zusters. Van dat drietal kan geen van allen een toon houden, wat ons doet concluderen dat het hele gebeuren rondom The Womack Sisters allerminst tot enige vanzelfsprekendheid gerekend kan worden. Daarbij bleek de grootvader van die onfortuinlijke “vriend” in de verste verte op geen enkele manier te vergelijken met Sam Cooke.